Overslaan en naar de inhoud gaan
menu

29/05/2017 / FAY HAELTERMAN

#REVIEW: Ellen Allien - Nost (album)

Ellen Allien zou geen introductie meer moeten krijgen, maar kort samengevat is ‘Nost’ de zevende plaat van een vrouw die al sinds de jaren negentig meedraait in Berlijn - onder meer als dj, producer van haar populaire BPitch-label en zelfs als mode-ontwerpster.

‘Nost’ is afgeleid van het Griekse woord ‘nostalgia’. Een toepasselijke titel voor een album dat vervuld is met heimwee. Elk nummer is een duidelijke verwijzing naar techno uit de jaren negentig, zonder te vaak uit hetzelfde vaatje te tappen.

‘Mind Journey’ opent traag maar stevig - tot een robotstemmetje de intro komt vergallen.  Er is wel wat goeds voortgekomen uit de jaren negentig - The Lion King, bijvoorbeeld - maar speech synthesis was er geen van. Gewoon afblijven dus, tenzij je Kraftwerk heet.

Dan liever een erotische experimentje zoals ‘Call Me’, met synth chords die lichtjes teruggrijpen naar dance-invloeden - ja, wij hadden ook niet verwacht dat we dat goed gingen vinden - terwijl er niet mis te verstane teksten als I want your sex in de micro worden gehijgd. Ook ‘Jack My Ass’ heeft een duidelijke boodschap en bestaat daarnaast uit een vettige, pulserende synth en analoge drums. Allemaal behoorlijk dansbaar, maar misschien wel wat eentonig voor zeven minuten.  



‘Innocence’ geniet van acid-invloeden, maar draag contradictorisch genoeg ook een zekere warmte mee. Dat staat haaks op de koude, metalige klanken die we hoorden bij ‘Mind Journey’.

Het is duidelijk: vooral de eerste helft van het album spreekt aan. Als ‘Nost’ een huis was, stond het op bijzonder stevige fundamenten, met een degelijke basis voor elk nummer. De terugkerende thema's zorgen er echter ook voor dat het album soms een beetje droog klinkt, misschien op ‘Mma’ na. Opzwepend, met een loeiend alarm dat de gejaagdheid perfect kan overbrengen.

Hoewel nineties misschien het codewoord is bij ‘Nost’, zijn er heel wat verschillende odes te vinden: van lofzangen op Chicago house -of z’n Berlijnse variant- tot meer industriële klanken. Iets meer experiment had wat ons betreft dus gerust gemogen, maar deze plaat is allesbehalve betreurend. De jaren negentig waren op muzikaal vlak een boeiende tijd, dus ze vormden hier een meer dan terechte inspiratiebron.